Home
  Werkplaats
  Instrumenten
  Viola pomposa enz.
  Reparaties
  Bestellen
  Onderhanden werk
  Projecten
  Cursussen
  Forum
  Referenties
  Achtergrond info
  Contact

 

Instrumenten


Voor de volgende instrumenten heb ik tekeningen en mallen. In de praktijk hebben deze modellen bewezen muzikaal zowel als technisch goed te functioneren. Ik hoop dat de foto’s een goede indruk geven van mijn stijl van werken. Over de klank die mij voor ogen staat, en de manier waarop ik dat resultaat probeer te bereiken, kunt U meer vinden op de pagina “Achtergrondinformatie”.

Klassieke viool
 
Met “klassiek” bedoel ik in dit geval de eerste helft van de 18de eeuw. Dit is een model naar de lijnen en verhoudingen van Guarneri del Gesu, maar niet naar één viool in het bijzonder. Ook heb ik geen pogingen gedaan de nu en dan wat excentrieke f-gaten of krullen van Guarneri te kopiëren. Het ging mij in de eerste plaats om het model, de verhoudingen, plaats en vorm van de f-gaten, welving e.d., waarin de basisklank besloten ligt, die in de eeuwen erna maatgevend is gebleken.
 

 

 

 
 
Grote klasssieke altviool(corpuslengte 43,5cm, snaarlengte 37,5cm)
 
Dit is min of meer een eigen model. Voor het ontwerp van de taille en de f-gaten heb ik me door Gasparo Bertolotti (“Da Salo”) laten inspireren. De door hem gekozen verhoudingen voor zijn contrabassen en altviolen leveren donker getimbreerde, krachtige en tegelijk zangerige instrumenten op. Dat leek me een goed uitgangspunt.
 

 

 

 
 
Kleine klassieke altviool (corpuslengte 39,5cm, snaarlengte 35cm)
 
Dit is een exacte kopie van een samengesteld instrument dat prachtig klinkt. Een klant bracht het onder mijn aandacht. Bovenblad en krul zijn van eerbiedwaardige leeftijd, waarschijnlijk Italiaans. Het achterblad is er in de wrsch. tweede helft van de 19de eeuw heel discreet bij gemaakt. Dit instrument paart een vrij klein corpus aan een “volwassen” snaarlengte.
 

 

 

 
 
Kleine moderne altviool (corpuslengte 39,5cm, snaarlengte 35,7cm)
 
Het corpus is een getrouwe kopie van de Gasparo alt van ca. 1580, maar f-gaten en krul zijn naar eigen ontwerp. Deze altviool is een onderdeel van een al langer lopend altvioolproject, met als eerste doel een altviool te maken die voor violisten geschikt is om te dubbelen. Meer over het altviolenproject op de pagina Onderhanden werk.
 

 

 
 
Grote barokcello (corpuslengte 80cm, snaarlengte 72cm)
 
Een model naar eigen ontwerp, maar ik heb goed gekeken naar de “Servais” van Stradivari, en mij een voorstelling gemaakt van een niet gecoupeerde cello van Gofriller. Het resultaat is een echte basso, bij uitstek geschikt voor continuowerk, waar de moderne cello, zoals o.a. vormgegeven door Stradivari, eigenlijk meer het timbre van een tenor heeft.
 

 

 

 
 
Violoncello piccolo ("viola pomposa", corpuslengte 45,5cm, snaarlengte 42,5cm)
 
Dit is in hoofdzaak een kopie van het instrument van Hoffmann in het Instrumentenmuseum van Brussel, maar voor een paar details heb ik ook de Hoffmann in Leipzig geraadpleegd. Iets meer over dit instrument en een paar interessante links vindt U op de pagina “Viola pomposa”.
 

 
 
Contrabas (snaarlengte 104cm)
 
Een getrouwe kopie van de bas die lang door Anthony Woodrow is bespeeld, de “O’Stoole” Gasparo Bertolotti van (wrsch.) 1602. Maar ik heb ook de moderne set up gekopieerd. Voor een echte barokcontrabas is dat tegenwoordig natuurlijk niet meer aan de orde.
 

 
 
Viola d'amore (6 metalen snaren, geen sympathische snaren)
 
Dit instrument is een kopie van de viola van Skotchofsky in de muziekinstrumentenverzameling van het Musée de la Musique in Parijs, inv. nr. E. 1553. Volgens het etiket is het instrument in 1727 in Darmstadt gebouwd. De sympathische snaren zijn duidelijk een latere toevoeging. Ze zijn zonder rekening met het snijwerk te houden dwars door de achterkant van de krul geleid, naar precair geplaatste ijzeren stempennen die ook de schoonheidsprijs niet verdienen. Dit is waarschijnlijk gedaan om het instrument meer op een “echte” amore te laten lijken, waardoor het interessanter was om voor een museumcollectie aan te kopen. De duidelijk nieuwe zangbalk (jammer!) draagt een klein brandstempel ”R&M Millant a Paris” helaas zonder datum. Experimenteren met metalen snaren heeft geleid tot een snaarlengte van 37,5cm voor de meer gebruikelijke stemmingen. Door het hele instrument nu in dezelfde verhouding te verkleinen (ca. 10%), kwam ik uit op een corpuslengte van 40,5cm, in plaats van de oorspronkelijke 44cm. Niet onbelangrijk bijkomend effect was, dat de viola hierdoor voor de opdrachtgeefster zonder veel moeite te bespelen was.